Privacy verordening (ePV)

Sinds 25 mei 2018 moeten we ons houden aan de AVG. Maar de Europese wetgever zit niet stil. Er komen nieuwe Europese telecomregels aan, de zogenaamde e-Privacy verordening (ePV). DDMA legt uit wat de verschillen zijn tussen de ePV en de AVG, en wat je als marketeer moet weten.

Wat is ePrivacy en waarom is het belangrijk voor marketeers?

  • De ePV zal de Nederlandse Telecommunicatiewet vervangen. In deze wet vind je de regels voor elektronische communicatie 
  • De wet gaat onder andere om e-mail, whatsapp, sms en telemarketing, en regelt ook de uitzondering voor contact met klanten
  • Cookies worden hierin ook gereguleerd, dit is van groot belang voor online advertising

ePrivacy verordening

Q&A

Wat is de ePV?

De ePrivacy Verordening zal de huidige ePrivacy Richtlijn vervangen. Die Richtlijn is in Nederland geïmplementeerd in de Telecommunicatiewet. Een Richtlijn laat meer ruimte voor verschillende implementaties door de EU lidstaten. Daardoor zijn er momenteel nog verschillende regels op het gebied van e-mail, telemarketing en cookies tussen de verschillende lidstaten. Voor marketeers is de wet ook wel bekend als de ‘cookiewet’, die het sinds 2012 verplicht maakt om toestemming te vragen voor het plaatsen van cookies.

Waarom komt de ePV eraan?

De Europese Commissie introduceerde het wetsvoorstel om ervoor te zorgen dat ePrivacy regels Europa-breed worden gelijkgetrokken. Ook is het nodig dat de regels in lijn worden gebracht met de AVG. Het wetgevingstraject is onderdeel van het Europese megaproject ‘Digital Single Market’, waarvoor het belangrijk is dat burgers vertrouwen hebben in de data-economie.

Verschillen tussen wetgeving in Europese lidstaten maakt het lastig voor bedrijven die in meerdere lidstaten werkzaam zijn. Dit is waarom de ePrivacy Verordening moet zorgen voor een ‘level playing field’. DDMA heeft het standpunt dat er een duidelijk onderbouwde meerwaarde moet zijn voor iedere wijziging die de ePV met zich mee brengt. Na jaren te werken aan de AVG, de wereldwijd toonaangevende standaard in gegevensbescherming, vindt de DDMA het belangrijk dat er voorkomen wordt dat de ePV en AVG elkaar tegenspreken.

Wat gaat er veranderen door de ePV?

De ePrivacy Verordening kan mogelijk méér impact hebben op de werkzaamheden van marketeers dan de AVG. Dat komt doordat de wet de regels bepaalt voor de marketingkanalen. 

Waarom wordt er in de ePV alleen gesproken over toestemming?

De AVG kent zes rechtsgronden voor gegevensverwerking. Een verwerking kan alleen rechtmatig zijn als er één van deze zes rechtsgronden van toepassing is. Denk hierbij aan de overeenkomst, een wettelijke plicht, het gerechtvaardigd belang of toestemming. DDMA heeft zich er samen met Europese zusterorganisaties sterk voor gemaakt dat direct marketing genoemd wordt als voorbeeld van zo’n gerechtvaardigd belang. Dit wordt in overweging 47 van de AVG genoemd.

In de ePrivacy Verordening wordt alleen gesproken over toestemming als rechtsgrond. De Europese Commissie wil dat burgers geïnformeerde keuzes maken en zien toestemming als de enige optie om dit te garanderen. DDMA betwijfelt of toestemming het gewenste effect heeft. Toestemmingsmoeheid is inmiddels een bekend fenomeen. Het gerechtvaardigd belang is, mits de juiste belangenafweging is gemaakt, in veel situaties een betere optie, zowel voor de consument als voor de marketeer. DDMA ziet daarom graag dat alle in de AVG genoemde rechtsgronden ook in de ePV een plaats krijgen, zodat deze twee wetten niet onnodig van elkaar afwijken.

Voor meer informatie DDMA, https://ddma.nl/eprivacy-verordening/

Aanmelden Cloutoday